14-09-07

2 De overgave aan en de aanvaarding van de verzen en de overlevering die iover de eigenschappen gaan

 

وكل ما جاء في القرآن أو صح عن المصطفى عليه السلام من صفات الرحمن وجب الإيمان به وتلقيه بالتسليم والقبول وترك التعرض له بالرد والتأويل والتشبيه والتمثيل وما أشكل من ذلك وجب إثباته لفظا وترك التعرض لمعناه ونرد علمه إلى قائله ونجعل عهدته على ناقله اتباعا لطريق الراسخين في العلم الذين أثنى الله عليهم في كتابه المبين بقوله سبحانه وتعالى ( والراسخون في العلم يقولون آمنا به كل من عند ربنا) آل عمران 7 وقال في ذم مبتغي التأويل لمتشابه تنزيله ( فأما الذين في قلوبهم زيغ فيتبعون ما تشابه منه ابتغاء الفتنة وابتغاء تأويله وما يعلم تأويله إلا الله ) آل عمران 7 فجعل ابتغاء التأويل علامة على الزيغ وقرنه بابتغاء الفتنة في الذم ثم حجبهم عما أملوه وقطع أطماعهم عما قصدوه بقوله سبحانه وما يعلم تأويله إلا الله

 

 

2- En alles wat in de Qor-aan is gekomen of authentiek is overgeleverd van al-Moestafaa (de Uitverkorene) - sallallahoe ‘alayhi wa sallam - over de Eigenschappen van de Meest Barmhartige dienen we in te geloven en te ontvangen met overgave en aanvaarding, en we dienen ons hier niet tegen te verzetten door middel van radd(1) en ta-wiel(2), en tashbieh(3) en tamthiel(4). En wat daarvan onduidelijk is, daarvan dienen we de uitspraak te bevestigen(5), en ons niet bezig te houden met de betekenis ervan. We voeren de kennis daarvan terug naar degene die deze woorden heeft geuit, en we stellen de verantwoordelijkheid bij degene die deze woorden heeft overgeleverd, daarmee de weg opvolgend van degenen die stevig gegrondvest in de kennis staan, degenen die Allah heeft geprezen in Zijn Duidelijke Boek met Zijn Woorden - Verheerlijkt en Verheven is Hij:

 

والراسخون في العلم يقولون آمنا به كل من عند ربنا

                                                                                                                                            

En degenen die stevig gegrondvest in de kennis staan, zeggen: "Wij geloven er in, alles is van onze Heer"

[ Soerah Aal ‘Imraan 3:7 ].

 

En Allah misprees degenen die streven naar de (verkeerde) interpretatie van dat gedeelte van de openbaring dat moetashaabih(6) is en Hij zei:

 

فأما الذين في قلوبهم زيغ فيتبعون ما تشابه منه ابتغاء الفتنة وابتغاء تأويله وما يعلم تأويله إلا الله

 

Maar degenen die in hun harten een neiging (tot valsheid) hebben, volgen datgene ervan wat moetashaabih is, om fitnah(7) te zaaien en de verborgen betekenis ervan te zoeken. Maar niemand kent de verborgen betekenis ervan behalve Allah

[ Soerah Aal ‘Imraan 3:7 ].

 

Dus maakte hij het zoeken naar de verborgen betekenis een teken van de neiging tot valsheid, en vergeleek dit met het zaaien van fitnah en misprees dit. Daarna weerhield Hij hen van datgene waarop zij hoopten en verbrak hun verlangens naar datgene waarop zij doelden, met Zijn Woorden - Verheerlijkt is Hij:

 

وما يعلم تأويله إلا الله

 

    Maar niemand kent de verborgen betekenis ervan behalve Allah

[ Soerah Aal ‘Imraan 3:7 ].

 

 


 

(1) Voetnoot van de vertaler: Radd: Het verloochenen en ontkennen.

 

(2) Voetnoot van de vertaler: Ta-wiel: Het verdraaien van de betekenis.

 

(3) Voetnoot van de vertaler: Tashbieh: Het vergelijken van de Eigenschappen van Allah met de eigenschappen van de schepping in één of meerdere opzichten.

 

(4) Voetnoot van de vertaler: Tamthiel: Het vergelijken van de Eigenschappen van Allah met de eigenschappen van de schepping in alle opzichten.

 

(5) Aanmerking: Ash-Shaykh Mohammad ibn Ibraahiem Aal ash-Shaykh - moge Allah hem genadig zijn - heeft gezegd over de woorden van de schrijver van al-Loem'ah "daarvan dienen we de uitspraak te bevestigen":

"En wat de woorden betreft van de schrijver van al-Loem'ah, deze woorden behoren tot datgene wat er is aangemerkt in deze ‘aqiedah (geloofsleer), en hierin zijn een aantal woorden aangemerkt waarmee de schrijver is verweten; aangezien het niet onbekend is dat de madh-hab (weg) van Ahloes-Soennah wal-Djamaa'ah is: het geloven in datgene wat bevestigd is in het Boek en de Soennah over de Namen en Eigenschappen van Allah, zowel de uitspraak als de betekenis ervan, en de overtuiging dat deze Namen en Eigenschappen werkelijk zijn en niet figuurlijk, en dat deze werkelijke (letterlijke) betekenissen hebben die bij de Majesteit en de Grootheid van Allah passen. De bewijzen daarvoor zijn teveel om op te sommen, en de betekenissen van deze Namen zijn duidelijk en bekend in de Qor-aan, net als de andere, zij bevatten geen dubbelzinnigheden, conflicten en onduidelijkheden. Want de Metgezellen van de Boodschapper van Allah - sallallahoe ‘alayhi wa sallam - namen de Qor-aan van hem over en leverden de ahaadieth van hem over, en zij ondervonden geen problematiek in iets van de betekenissen van deze Verzen en ahaadieth, omdat deze duidelijk en stellig zijn. En ook degenen na hen van de deugdzame generaties, zoals overgeleverd is van Maalik toen hij werd gevraagd over de Woorden van Allah - Verheerlijkt is Hij:

 

الرحمن على العرش استوى

 

 De Meest Barmhartige Die boven de Troon verheven is

[ Soerah Ta Ha 20:5 ],

 

...Zei hij: "Al-Istiwaa (het verheven zijn) is bekend, de hoedanigheid is onbekend, het geloof erin is verplicht, en het vragen ernaar is een innovatie," en de betekenis daarvan is ook overgeleverd van Rabie'ah, de leraar van Maalik, en ook van Oemm Salamah, zowel marfoe' (een overlevering die aan de Profeet - sallallahoe ‘alayhi wa sallam - wordt toegekend) als mawqoef (een overlevering van een Metgezel). Maar wat het wezen en de hoedanigheid van de Eigenschap betreft; niemand kent deze, behalve Allah - Verheerlijkt is Hij; aangezien het spreken over de Eigenschap een vertakking is van het spreken over Degene aan Wie de Eigenschap wordt toegekend. Dus zoals niemand weet hoe Hij is, zo is het ook met Zijn Eigenschappen, en dat is de betekenis van de uitspraak van Maalik: "en de hoedanigheid is onbekend." Maar wat hetgeen betreft wat hij in al-Loem'ah heeft vermeld, dat is volgens de methodiek van al-Moefawwidah (degenen die beweren dat we de betekenissen van de Namen en Eigenschappen van Allah niet kunnen begrijpen), en die behoort tot de slechtste en meest verdorven methodieken. Maar de schrijver - moge Allah hem genadig zijn - is een Imaam in de Soennah en hij is het verst verwijderd van de methodiek van al-Moefawwidah en anderen van de innovators. En Allah weet het het beste, en de Salaah en Salaam zijn met Mohammad, zijn Metgezellen en zijn volgelingen."

Bureau van Fataawaa (328) op 28/7/1385 H., overgenomen van "Fataawaa en Essays van de Eminente Shaykh Mohammad ibn Ibraahiem", verzameld en geordend door Mohammad ibn ‘Abdir-Rahmaan ibn Qaasim.

 

(6) Voetnoot van de vertaler: Moetashaabih: Verzen die een onduidelijkheid bevatten en voor meer uitleg vatbaar zijn.

 

(7) Voetnoot van de vertaler: Fitnah heeft verschillende betekenissen, o.a.: afgoderij, rampspoed, beproevingen. Hier betekent het misleiding (zie Tafsier Ibn Kathier).

11:26 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.