22-10-07

De verstandelijke methode

Allah (SWT) heeft de mens geschapen en heeft hem het verstand geschonken. Wanneer de

mens zijn verstand niet wil gebruiken dan daalt hij tot het niveau van een dier en nog lager.

"Wij hebben veel djinn en mensen voor de hel geschapen. Zij hebben harten waarmee zij niet

begrijpen, zij hebben ogen waarmee zij niet zien en zij hebben oren waarmee zij niet horen. Zij

zijn als het vee, nee zij dwalen nog erger. Zij zijn het die onoplettend zijn."

(Zie vertaling v.d. betekenis van soerat Al- A’raaf; 179, Heilige Koran)

Om het denkproces te voltooien of om te kunnen redeneren zijn er een aantal

voorwaarde waaraan voldaan moet worden, deze zijn:

1-een feit

2-gezonde hersenen

3-zintuigen

4-voorkennis (referentie kader)

Deze vier elementen zijn van essentieel belang om dingen te kunnen beseffen

anders gezegd

het overbrengen van het feit d.m.v. zintuigen naar de hersenen naast de voorkennis

waarmee het feit wordt verklaart.

Als de verstandelijke methode op de juiste manier wordt gehanteerd dan leidt het

tot een juiste resultaat.

Het verstandelijke onderzoek en zijn resultaten

Het verstand doet op drie verschillende gebieden onderzoek:

1. het bestaan van iets

2. de essentie

3. de eigenschappen

Wanneer het verstand een oordeel geeft over het wel of niet bestaan van iets, dan is

het oordeel in dit geval een vaststaand feit, en kan geen enkele fout bevatten, omdat

dit oordeel middels een zintuiglijke waarneming van het feit tot stand is gekomen.

Het oordelen over zowel de essentie als de eigenschap van iets is niet altijd

foutloos, omdat het oordeel in dit geval middels de voorkennis en de analyse van

het feit tot stand is gekomen.

Een voorbeeld hiervan: als men een stem hoort uit de kamer ernaast, geeft men een

zekere oordeel over het bestaan van iets die de stem heeft teweeggebracht. Maar

wie is diegene die de stem heeft doen ontstaan? En wat is zijn essentie en

eigenschappen? De antwoorden op deze vragen kunnen niet altijd foutloos zijn.

Wanneer het om een verstandelijke onderzoek naar credo of geloof gaat heeft

het onderzoek alleen te maken met het bestaan en niet met de essentie of de

eigenschappen. En dit vormt de basis voor onze volgende onderzoek.

 

 

 

 

 

Het verstandelijke bewijs voor het bestaan van de Schepper

Het bewijs voor het bestaan van Allah (SWT) kunnen wij in alles terug vinden. Omdat het

bestaan van alle waarneembare dingen een vaststaand feit is en dat alles afhankelijk is van iets

anders,wat voor ons een absolute waarheid is. Het is vanzelfsprekend dat alles door een

schepper is geschapen, want het feit dat alles afhankelijk is van iets anders betekend dat het

geschapen is. Het feit dat alles afhankelijk is betekend dat niets eeuwig is, er moet altijd iets

ervoor geweest zijn.

Men kan beweren dat: bepaalde voorwerpen alleen afhankelijk zijn van soortgelijkevoorwerpen, want voorwerpen vullen elkaar aan en daarom zijn ze niet afhankelijk.

Deze stelling is fout, want het gaat hier om de bewijsvoering over specifieke soorten van

voorwerpen, zoals een pen, een kan of een papier die door een schepper zijn geschapen. Hieruit

blijkt dat een voorwerp afhankelijk is van een ander, afgezien van het feit wie de ander is. En

dit ander is niet het voorwerp zelf, dit is voor iedereen zintuiglijk waarneembaar. Hiermee is

bevestigd dat een voorwerp of een ding die van een ander afhankelijk is niet eeuwig kan zijn en

is zeker door een ander geschapen.

Men kan ook beweren dat: een voorwerp die van materie is, alleen materie nodig heeft dusalleen zichzelf nodig heeft en daarom niet afhankelijk kan zijn.

Deze stelling is ook fout want, wanneer wij er van uitgaan dat een voorwerp die van materie is

en alleen materie nodig heeft dan is de behoefte zelf van deze materie een behoefte aan iets

anders dan de materie zelf. Dus het heeft geen behoefte aan zichzelf, omdat de materie uit

zichzelf niet in staat is om de behoefte van andere materie aan te vullen.

 

Er moet in dit geval iets anders dan de materie zijn die het aan kan vullen, dus het is afhankelijk

van een ander en niet van zichzelf. Bijvoorbeeld voor dat het water verdampt is er een hoog

temperatuur nodig. Als we er van uitgaan dat de temperatuur en het water van materie zijn dan is

de temperatuur op zich niet voldoende om het water te laten verdampen. Maar er is een bepaalde

percentage van temperatuur nodig om de verdamping van het water te realiseren. Dit specifieke

percentage van temperatuur is hetgeen wat het water nodig heeft om te verdampen. Dit

percentage is niet door het water zelf of door de temperatuur opgelegd maar door iets anders dan

de materie. Dit maakt de materie helemaal afhankelijk van het percentage.

Derhalve is de materie afhankelijk van een ander die dit percentage vaststelt. De afhankelijkheid

van de materie van een andere is in dit geval een vast staand feit en is daarom behoeftig dus door

een schepper geschapen.

Op grond hiervan zijn alle zintuiglijk waarneembare dingen die wij beseffen door een schepper

geschapen.

De schepper moet eeuwig zijn en geen begin hebben, want als de schepper niet eeuwig is dan is

hij een schepsel en kan geen schepper zijn, omdat hij een schepper is moet hij eeuwig zijn. De

schepper is absoluut eeuwig.

Wanneer wij bepaalden dingen bekijken waarvan wij het vermoeden hebben dat het een

schepper kan zijn, denken wij aan drie mogelijkheden de materie de natuur of Allah. De stelling

dat de materie de schepper kan zijn is onjuist, want dat is gebleken uit het feit dat het percentage

die de materie nodig heeft om bepaalde zaken tot verandering te brengen door een ander wordt

vastgesteld. En daarom is de materie niet eeuwig en wat niet eeuwig is kan geen schepper zijn.

De natuur kan ook niet de schepper zijn, want de natuur is een samenstelling van dingen in het

universum die volgens een bepaald systeem functioneren.

De orde van deze dingen ontstaat niet alleen door het systeem zelf, want als deze dingen niet

bestaan dan bestaat er ook geen systeem. De orde ontstaat ook niet door de dingen, want door het

bestaan van deze dingen ontstaat niet van vanzelfsprekend en automatisch een systeem, en ook

door haar bestaan zelf komt geen orde zonder een organisator. En het komt ook niet door de

dingen en het systeem want orde komt alleen tot stand door een bepaalde status die op de dingen

en het systeem gelegd wordt. Door deze speciale status van het systeem en de dingen ontstaat de

orde. De speciale status is op het systeem en de dingen vastgelegd en alleen hierdoor ontstaat de

orde. Deze orde komt niet door het systeem en de dingen maar door een ander. Daarom is de

natuur alleen in staat om tot beweging te komen door een bepaalde status die op haar door een

andere is opgelegd, wat betekent dat de natuur een andere nodig heeft. Dus ook deze is niet

eeuwig want wat niet eeuwig is kan geen schepper zijn. Er blijft alleen de schepper over die deze

eigenschap heeft en Hij is eeuwig en dat is Allah (swt).

Het bestaan van Allah (swt) is zintuiglijk waarneembaar. En d.m.v. onze zintuigen kunnen wij

zijn bestaan beseffen. Want de zintuiglijk waarneembare dingen die wij beseffen zijn behoeftig

en deze behoefte verwijst naar de eeuwige, dus naar het bestaan van de schepper.

Hoe meer de mens zich verdiept in de schepsels van Allah (swt) en het universum bestudeert, de

tijd en ruimte omcirkeld beseft hij dat hij een klein wezen is ten opzichte van deze bewegende

werelden. En beseft ook dat deze werelden draaien volgens vaste en specifieke regels en wetten

hierdoor kan men absoluut het bestaan van deze schepper en zijn eenheid en machtigheid

beseffen. Ook door het verschil die de mens ziet tussen dag en nacht en het bestaan van de zeeën

en rivieren en de sterren. Dit zijn allemaal verstandelijke en sprekende aanwijzingen voor het

bestaan van Allah (swt).

"In de schepping van de hemelen en de

aarde, in het verschil van nacht en dag, in de

schepen die op zee varen met wat nuttig is

voor de mensen, in het water dat Allah uit de

hemel laat neerdalen om daarmee de aarde te

doen herleven nadat zij dood was, in dat Hij

allerlei dieren erop heeft verspreid, in het

besturen van winden en in de wolken die

voortgedreven worden tussen hemel en aarde

zijn tekenen voor mensen die verstandig zijn"

(Zie vertaling v.d. betekennissen v.d. Koran; soerat Al-bakara; 164)

Het verstand is het gene die het bestaan van Allah (swt) kan beseffen, en het is ook de weg naar het

geloof. Daarom heeft de Islam het gebruiken van het verstand verplicht, en om het als arbiter te

laten dienen in het geloven in het bestaan van Allah (swt). Derhalve is het bewijs voor het bestaan

van Allah (swt) een verstandelijk bewijs.

De eigenschappen van Allah (SWT)

Het bestaan van Allah (SWT) is zintuiglijk waarneembaar. Alles wat zintuiglijk waarneembaar is

kan verstandelijk beredeneerd en onderzocht worden. Hiertegen zijn de eigenschappen van Allah

(SWT) niet zintuiglijk waarneembaar, dus niet verstandelijk onderzoekbaar hierdoor zijn we

genoodzaakt om de overgeleverde bronnen (Koran, Soennah) te raadplegen.

Het bewijs over een onderwerp kan alleen verstandelijk of overgeleverd zijn.

Verstandelijke bewijs:

Het verstandelijke bewijs is het bewijs die het verstand zelf heeft uitgevonden en bewerkstelligt.

Bijvoorbeeld onze stelling: het heelal is begrensd omdat het een geheel van stelsels is en elke geheel

is begrensd. Dus het geheel van begrensde delen is vanzelfsprekend begrensd. Als we naar de

"begrensde" kijken zien we dat het niet eeuwig is want als het eeuwig zou zijn zou het niet

begrensd zijn. Hierdoor is het heelal niet eeuwig dus hij is door een ander geschapen.

Dit is een voorbeeld van een verstandelijk bewijsvoering over het feit dat het heelal geschapen is

door een schepper. Het verstand zelf heeft dit uitgevonden en geformuleerd hierdoor noemen we dit

een verstandelijke bewijs.

Het is van belang dat we onderscheid maken tussen verstandelijk begrip en bewijs.

Het verstandelijke bewijs zoals we eerder hebben gezegd is de uitvinding van een bewijs van het

verstand zelf. Maar het verstandelijke begrip is wat het verstand zelf begrepen heeft en niet wat het

verstand bewezen heeft. Het verstandelijke begrip betekent het verstandelijk besef van de

betekennissen van een zin m.a.w. de rol van het verstand hier is het begrijpen van iets wat al bestaat

of iets wat al uitgevonden is.

Overgeleverde bewijs:

Het overgeleverde bewijs is het bewijs die door Allah (SWT) en Mohammed (VZMH) overgeleverd

is m.a.w. Koran, Soennah en hetgeen waar deze twee naar toe wijzen (Idjma’oe Essahabe en Kiyas).

Bijvoorbeeld: het bewijs voor de verplichting om met de Wet van Allah (SWT) te regeren.

"... en wie niet oordeel vellen volgens wat Allah heeft neergezonden dat zijn de ongelovigen."

(zie vertaling v.d. betekennissen v.d. Koran soerat Al-Ma’ida; 44)

" ...Oordeel dan tussen hen volgens wat

Allah heeft neergezonden en volg hun

neigingen niet in afwijking van wat van de

waarheid tot jou gekomen is. Voor een

iedere van jullie hebben Wij een norm en

een weg bepaald..."
(Zie vertaling v.d. betekennissen

v.d. Koran soerat Al-Ma’ida; 48)

conclusie:

Het onderwerp omtrent verstandelijk of overgeleverd bewijs bepaald het feit van het

onderzoeksveld. Wat zintuiglijk waarneembaar is zoals het bestaan van Allah (SWT) is

verstandelijke bewijsbaar. Hiertegenover zijn de eigenschappen van Allah (SWT) niet

verstandelijk bewijsbaar omdat het verstand de essentie van Allah niet kan waarnemen noch

beseffen. Om die reden kan de eigenschappen van Allah (SWT) alleen door een vaststaand

(onbetwijfelbaar, onmiskenbaar) overgeleverde bewijs bewezen worden.

Is de Islamitische Credo (Akiedah) puur verstandelijk?

De Islamitische Akiedah is onder te verdelen in twee categorieën.

1. Wat alleen het verstand bewezen heeft zoals het bestaan van Allah (SWT), dat de Koran Allah’s

woord is en de profeetschap van Mohammed (VZMH).

2. Wat overgeleverd is zoals het bestaan van Engelen en, Paradijs, Hel etc...

Alhoewel de Islamitische Akiedah overgeleverde delen bevat is het toch verstandelijk omdat de

bron (de Koran) die de overgeleverde bewijzen impliceert op het verstand gebaseerd is. Het

verstand heeft eerst de geloofswaardigheid van de Koran bewezen. Nadat het verstand de

geloofswaardigheid van de Koran vastgesteld heeft, is het mogelijk geworden dit als referentiepunt

te nemen.

Zeg: "O, gij mensen, nu is de

waarheid van uw Heer tot u

gekomen. Wie daarom die leiding

volgt, volgt haar ten bate van zijn

eigen ziel en wie dwaalt, dwaalt

slechts tot haar nadeel. En ik ben

geen bewaker over u."

(zie vertaling v.d. betekennissen v.d. Koran soerat Yoenes 108)

 

 

''uit expliciet''

21:22 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.