08-12-07

Een overlevering van de Profeet (vzmh).

Op een dag kwam een jongen bij de Profeet saws en hij zei: "O Profeet, ik wil me bekeren tot de islam, maar geef me toestemming om zina te plegen." Toen Omar de woorden van de jongen hoorde, trok hij meteen zijn zwaard. Dit soort uitspraken was voor Omar onaanvaardbaar. Maar voor de Profeet saws was dit niet het geval. Hij liet de jongen zeggen wat hij te zeggen had en vroeg: "Jongen, als je moslim wil worden, alsjeblieft, doe dat maar (d.w.z. leg dan maar de sahadah af)."
En hij saws vroeg toen: "Heb je een moeder of een zus of een tante?" De jongen antwoordde: "Ja, die heb ik." De Profeet saws vroeg toen aan hem: "Wat zou je vinden als iemand zina zou plegen met je vrouwelijke familieleden?" Bij het horen van deze woorden werd de jongen rood van woede en zei: "Nee, nee, nee, Rasuloellah. Ik zou die ontuchtpleger vermoorden." De Profeet zei met een glimlach tegen de jongen: "Jongen, weet je dat als ik jou toestemming geef om zina te plegen, dat ik dan op hetzelfde moment iemand anders toestemming zou geven om ontucht te plegen met jouw vrouwelijke familieleden?" De jongen knikte en zei: "In dat geval bekeer ik mij tot de islâm en zal ik nooit meer ontucht plegen."

De verklaring van deze hadîeth.

Uit dit gesprek van de Profeet swas en deze jongen kunnen we bepaalde lessen leren: Ten eerste, dat de Profeet iemand was die de kunst van de communicatie uitstekend beheerste. En hij wist hoe de etiquette en regels waren met betrekking tot het voeren van gesprekken en discussies. De Profeet swas maakte nooit gebruik van de stiltes die in een gesprek vielen om ze meteen met woorden te vullen en hij zorgde ervoor het gesprek niet te overheersen. Ten tweede, dat de Profeet saws zachte woorden gebruikte die het hart raakten en dat deze vol wijsheid waren en dat hij op deze manier mensen tot de weg van de waarheid opriep. Hij beoordeelde niet maar fungeerde als bewustmaker.

Aboe Hurayrah vertelde: "Een nasihah (advies) van de Profeet saws was verkwikkend koel in ons hart. Ons lichaam beefde bij het horen. Als de Profeet saws zijn kutbah (preek, rede) beëindigde waren we nog niet tevreden." Deze manier van communiceren moet elke da’awa (oproeper tot het geloof) eigenlijk gebruiken als een middel om onderzoek bij zichzelf te doen.

De missie van een da’awa is een voortzetting van de strijd van de Profeet saws om de mensen naar het ware pad te brengen. Om de mensen die wij oproepen bewust te maken, moet een da’awa de kunst van discussie en argumentatie beheersen. Dit uit zich in goed gedrag, goede woorden, rechtvaardige woorden en een duidelijke argumentatie die voor de toehoorder makkelijk te aanvaarden is. Bovendien moet men het juiste ogenblik uitkiezen als men een oordeel over een bepaalde aangelegenheid wil uitspreken

 

 

 

00:05 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.