25-04-08

Liefde van Allah subhanahu wa ta’ala

Ibn al Qayyim noemde tien oorzaken die resulteren in de liefde van Allah voor Zijn dienaar en de liefde van de dienaar voor zijn Heer.

1. Het reciteren van de Qur’an terwijl je nadenkt over de betekenis ervan en wat ermee bedoeld wordt.

2. Dichter bij Allah komen door het verrichten van vrijwillige daden na het afronden van verplichte daden. Dit is zoals staat vermeldt in een Hadith Qudsi: “Mijn dienaar komt steeds dichter bij Mij door vrijwillige daden te verrichten totdat Ik van hem hou.” [al-Bukhari]

3. Het continu gedenken van Allah onder alle omstandigheden, met je tong, hart en daden. De grootte van je liefde voor Allah wordt hierdoor bepaald.

4. Prioriteit geven aan waar Hij van houdt boven dat waar jij van houdt wanneer je bent overmand door je verlangens.

5. Dat het hart begerig is wat de Namen en Eigenschappen van Allah betreft en het hart rondwandelt in deze tuin van kennis.

6. Het observeren van Allah’s zachtaardigheid, goedheid en gunsten, zowel de verborgene als de zichtbare.

7. Dit is het meest wonderbaarlijke; dat het hart zacht, zachtaardig en onderdanig (nederig) is tegenover Allah.

8. Alleen zijn met Allah gedurende de tijd dat de Heer neerdaalt gedurende het laatste deel van de nacht, terwijl je Zijn boek leest en dat beëindigt met het vragen van vergiffenis en het tonen van berouw (tawbah).

9. Zitten met de geliefden en oprechten, terwijl je voordeel hebt van hun spraak. En niet spreken tenzij het spreken voordeliger is en je weet dat het je toestand zal bevorderen en voor anderen tot nut zal zijn.

10. Wegblijven van iedere oorzaak dat komt tussen het hart en Allah.

Deze tien oorzaken brengen de geliefden naar het station van ware liefde en brengen hen naar hun Geliefde.

Door: Ibn al-Qayyim al Jawziyyah
Bron: Madarij as-Saalikeen vol 3, p. 17-18
Vertaald door: http://sincerehearts.nl

22:57 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

24-04-08

Vier soorten liefde

Ibn al-Qayyim (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft over dit onderwerp gezegd:

Er zijn vier soorten liefde die we moeten onderscheiden, en degenen die afdwalen dwalen af omdat ze dit onderscheid niet maken. De eerste van deze is, de liefde voor Allah, maar dit alleen is niet voldoende om een persoon te redden van de bestraffing van Allah en om Zijn beloning te ontvangen. De Veelgodendienaars, aanbidders van het kruis, Joden en anderen houden allen van Allah. De tweede (soort liefde) is, liefde voor datgene waar Allah van houdt. Dit is wat een persoon in de Islam brengt en uit Kufr (ongeloof). De meest geliefde mensen bij Allah zijn degenen die het meest correct en het meest toegewijd zijn in deze soort liefde. De derde soort is, liefde omwille van Allah, welke een van de vereisten is van de liefde voor datgene waar Allah van houdt. De liefde van een persoon voor datgene waar Allah van houdt kan niet compleet zijn tot diegene ook liefde heeft omwille van Allah. De vierde (soort liefde) is, liefde voor iets naast Allah, en deze liefde heeft te maken met shirk (afgoderij). Iedereen die van dingen houdt naast Allah maar niet omwille van Allah heeft datgene gelijkgesteld (als concurrent) aan Allah. Dit is de liefde van de Mushrikeen (veelgodendienaars). Er blijft een vijfde soort liefde over welke niets te maken heeft met het onderwerp; dit is de natuurlijke liefde, welke de menselijke behoefte is voor datgene wat hoort bij zijn (menselijke) natuur, zoals de liefde van een dorstige persoon voor water en van een hongerige persoon voor voedsel, of de liefde voor slaap, of (de liefde) voor je vrouw en kinderen. Hier is niks mis mee, tenzij het een persoon afleidt van het gedenken van Allah en hem weerhoudt om van Allah te houden. Allah zegt (interpretatie van de betekenis):

“O jullie die geloven, laat jullie bezittingen en jullie kinderen jullie niet afleiden van het gedenken van Allah.” [Qs. al-Munaafiqoon 63:9]

“Mannen die niet door handel en niet door verkoop worden afgeleid van de gedachtenis van Allah” [Qs. al-Noor 24:37]

(Al-Jawaab al-Kaafi, 1/134)

En hij heeft gezegd (moge Allah tevreden met hem zijn):

Het verschil tussen liefde omwille van Allah en liefde voor iets naast Allah is een van de belangrijkste verschillen. Iedereen dient dit onderscheid te maken en is ook verplicht om dat te doen. Liefde omwille van Allah is een teken van de perfectie van het geloof, maar liefde voor iets naast Allah is de essentie (kern) van Shirk (afgoderij). Het verschil tussen deze twee is, dat de liefde van een persoon omwille van Allah verbonden is aan zijn liefde voor Allah; als deze liefde sterk wordt in zijn hart, dan sommeert deze liefde dat hij zal houden van datgene waar Allah van houdt. Als hij houdt van datgene waar zijn Heer van houdt en hij houdt van degenen die de vrienden van Allah zijn, dan is deze liefde omwille van Allah. Dus hij houdt van Zijn Boodschappers, Profeten, Engelen en vrienden omdat Allah van hen houdt, en hij haat degenen die hen haten omdat Allah zulke mensen haat. Het teken (eigenschap) van de liefde en haat omwille van Allah is dat zijn (van de persoon) haat voor degene die Allah haat niet eenvoudigweg in liefde zal veranderen omdat deze persoon (die wordt gehaat) hem vriendelijk behandeld, hem een dienst bewijst of in een van zijn behoeftes voorziet; en zijn liefde voor degenen van wie Allah houdt zal niet simpelweg in haat veranderen omdat deze persoon iets doet wat diegene verontrust of pijn doet, of dit nou per ongeluk is of expres, uit gehoorzaamheid voor Allah of omdat de persoon vindt dat hij dat moet doen om de een of andere reden, of omdat de persoon een boosdoener is, die misschien zijn kwaad zal opgeven en berouw zal tonen. De gehele religie draait om vier principes: liefde en haat, en hieruit volgend, handeling (daad) en zelfonthouding. De persoon van wie de liefde en haat, handeling en zelfonthouding, allemaal omwille van Allah zijn, heeft zijn geloof geperfectioneerd zodat wanneer hij (de persoon) houdt van, hij dit (houden van) doet omwille van Allah, wanneer hij haat, hij haat omwille van Allah, wanneer hij iets doet, hij het doet omwille van Allah, en wanneer hij zich van iets onthoudt, hij zich onthoudt omwille van Allah. Wanneer hij in deze vier categorieën tekort schiet, dan schiet hij tekort in zijn geloof en toewijding aan het geloof. Dit is in tegenstelling tot de liefde voor dingen naast Allah, welke uit twee types bestaat. De ene type staat haaks op het principe van Tawheed en is shirk; de andere gaat de perfectie van oprechtheid en liefde tegenover Allah tegen, maar plaatst een persoon niet buiten de Islam.

De eerste soort is als de liefde van de Mushrikeen (veelgodendienaars) voor hun idolen (afgodsbeelden) en goden. Allah zegt (interpretatie van de betekenis):

“En er zijn er onder de mensen die naast Allah afgoden nemen, die zij liefhebben met de liefde als (die) voor Allah” [Qs al-Baqarah 2:165]

Deze Mushrikeen houden van hun idolen en goden naast Allah zoals zij van Allah houden. Deze liefde en toewijding wordt vergezeld door angst, hoop, aanbidding en smeekbeden. Deze liefde is puur Shirk welke Allah niet vergeeft. Geloof kan niet worden geperfectioneerd tenzij een persoon deze idolen beschouwd als vijanden en ze intens haat, en de mensen haat die hen aanbidden, en hen beschouwd als vijanden en zich inspant tegen hen. Dit is de boodschap met welke Allah al Zijn Boodschappers heeft gezonden en al Zijn boeken heeft geopenbaard. Hij heeft de Hel gecreëerd voor de mensen van Shirk die van deze concurrenten houden, en Hij heeft het Paradijs gecreëerd voor degenen die zich tegen hen inspannen en hen omwille van Hem als vijanden beschouwen en om Zijn Tevredenheid te verdienen. Iemand die iets aanbidt van nabij de Troon tot de laagste diepten van de aarde en een god aanneemt en een beschermer naast Allah en een ander wezen toevoegt in zijn aanbidding met Hem, zal worden onteigend door datgene wat hij aanbad (datgene zal dus afstand nemen van zijn aanbidder) wanneer hij het het meest nodig heeft [dus op de Dag des oordeels].

De tweede soort is, liefde voor de dingen die Allah aantrekkelijk heeft gemaakt voor mensen, zoals vrouwen, kinderen, goud, zilver, gebrandmerkte mooie paarden, vee en (goed geploegde) land. Mensen houden van deze dingen met een soort verlangen, zoals de liefde van een hongerige persoon voor voedsel en een dorstige persoon voor water. Deze liefde bestaat uit drie soorten. Als een persoon van deze dingen houdt omwille van Allah en deze dingen ziet als een manier om Allah te gehoorzamen, dan zal hij daarvoor worden beloond; het zal worden meegerekend (beschouwd) als een onderdeel van liefde omwille van Allah en een manier om Hem te bereiken, en hij (deze persoon) zal nog steeds genieten van deze dingen. Dit is hoe de beste van de schepping [dus de Profeet (salallahoe alayhi wa sallam)] was, voor wie vrouwen en parfum in deze wereld geliefd waren gemaakt, en zijn liefde voor deze dingen hielpen hem om meer van Allah te houden en om Zijn Boodschap uit te dragen en Zijn geboden te volbrengen. Als een persoon houdt van deze zaken omdat ze horen bij zijn natuur en zijn eigen verlangens, maar hij deze dingen niet prefereert boven datgene waar Allah van houdt en tevreden mee is, en hij deze neemt vanwege zijn natuurlijke neiging, dan valt dat onder de zaken die zijn toegestaan, en zal hij niet worden gestraft voor deze dingen, maar zijn liefde voor Allah en omwille van Allah zullen een beetje tekort schieten. Als zijn enige doel in het leven is om deze dingen te verkrijgen, en hij deze dingen prioriteit geeft boven datgene waar Allah van houdt en tevreden mee is, dan doet hij zichzelf onrecht en volgt hij zijn eigen begeertes.

De eerste is de liefde van al-Saabiqoon (degenen die het voornaamst zijn in Islam); de tweede is de liefde van al-muqtasidoon (degenen die gemiddeld zijn) en de derde is de liefde van al-zaalimoon (de boosdoeners).

Al-Rooh door Ibn al-Qayyim, 1/254.

Door: Ibn al-Qayyim al Jawziyyah
Vertaald door: http://sincerehearts.nl

22:58 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

23-04-08

Herinnering aan de Bestemming van de Mensheid in het Hiernamaals - een Genezing voor een zwakke Imaan

Wanneer iemand zijn verstand helder is, dan zal diegene in staat zijn om helder te zien, dus wanneer je zo een persoon een licht geeft in zijn hart dan stelt dat hem in staat om bijna getuige te zijn van de Waarschuwing en de Belofte, het Paradijs en de Hel, en wat Allah heeft voorbereid in deze Paradijs voor Zijn Awliyaa’ (trouwe vrienden) en in de Hel voor Zijn vijanden. Hij zal dan getuige zijn van mensen die uit hun graven snellen en de roep van de Waarheid (Wederopstanding) volgen. De engelen in de hemelen zullen neerdalen en hen (schepping) omcirkelen. Allah zal dan komen om te oordelen (tussen de schepping) en Zijn Kursi zal worden gebracht. De aarde zal schijnen met de Licht van zijn Heer (Allah, wanneer Hij komt oordelen tussen Zijn schepping), het Boek (van Daden) zal worden geopend en de Profeten en de getuigen zullen naar voren worden gebracht. De Mizan (Weegschaal) zal dan worden vastgesteld, de boeken van de (individuele) daden zullen rondgaan en de vijanden zullen samenkomen, ieder vasthoudend aan zijn vijand. Al-Houdh (de vijver die stroomt buiten de poorten van het Paradijs, komend van een rivier daarbinnen) zal dan verschijnen en zijn kopjes zullen dichtbij verschijnen. De dorst zal versterken, maar degenen die toestemming hebben om te drinken zijn slechts weinig. Al-Jisr (de brug boven de Hel die iedereen moet passeren naar het Paradijs) zal dan neergelegd worden (boven de Hel) zodat de mensheid en de Jinn hier overheen kunnen gaan (de ongelovigen en degenen van wie de zonden de goede daden overstijgen, zullen vallen in de Hel, waar alleen de ongelovigen voor eeuwig zullen verblijven). Mensen zullen verzameld die richting uitgaan. Het Vuur (de Hel) zal verschijnen, iedere deel de andere delen eronder ruw consumerend (verterend). Degenen die erin vallen zijn veel groter in aantallen dan degenen die ervan gered worden. Dan, wordt er een oog geopend in zijn (de man die denkt aan deze scènes/gebeurtenissen) hart met welke hij in staat zal zijn om helder te zien. Zijn hart zal dan getuige zijn van sommige scènes (gebeurtenissen) van het Laatste Leven, tegelijk met de voorstelling van de verschillende stadia van het Laatste Leven welke voor altijd zal voortduren, in tegenstelling tot deze Dunya (het leven van deze wereld) en zijn beknoptheid.

Door: Ibn al-Qayyim al Jawziyyah
Bron: Madaarij us-Saalikeen
Vertaald door: http://sincerehearts.nl

00:26 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

22-04-08

Hoe roept een geleerd persoon op tot Allah?

De geleerde individu beveelt de mensen niet om de Dunya te verlaten, want zij zijn niet in staat om het te verlaten. Echter (in plaats daarvan) vertelt hij hen om slechte daden te verlaten met hun [doorgaande] verblijf op de Dunya. Daar het verlaten van de Dunya voordelig (gewenst) is, maar het verlaten van slechte daden een verplichting is. Hoe kan een [individu] worden bevolen om een gewenste (extra) daad te verrichten, wanneer hij een verplichting heeft verwaarloosd?!

Als het verlaten van slechte daden moeilijk wordt voor hen om te [verdragen], probeer hen dan van Allah te doen houden [door] Zijn Tekenen, Zijn Zegeningen, Zijn Vrijgevigheid, Zijn Perfecte Eigenschappen, en Verheven Beschrijvingen te noemen. Want waarlijk, het hart is op natuurlijke wijze geneigd naar Zijn liefde.

Als het gehecht is aan Zijn liefde, dan zal het verlaten van slechte daden en de onafhankelijkheid daarvan, samen met het doorzettingsvermogen hierin makkelijk worden [om te verkrijgen].

Een verstandige man nodigt mensen uit tot Allah, dus wordt de [daad] om dit te beantwoorden makkelijk voor hen. Een asceet nodigt hen uit tot Allah door het verlaten van de Dunya, dus wordt de [daad] om dit te beantwoorden moeilijk voor hen.

Door: Ibn al-Qayyim al Jawziyyah
Bron: Al-Fawa’id
Vertaald door: http://sincerehearts.nl

00:31 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

21-04-08

Ik vroeg Allah

Ik vroeg Allah mijn gewoonte af te nemen.
Allah zei: Nee.
Het is niet aan mij om het weg te nemen, maar voor jou om het op te geven.


Ik vroeg Allah mijn gehandicapte kind heel te maken.
Allah zei: Nee.
Zijn / haar ziel is heel, zijn / haar lichaam is slechts tijdelijk.

Ik vroeg Allah me geduld te geven.
Allah zei: Nee.
Geduld is een bijproduct van moeilijkheden; het wordt niet gegeven, het wordt geleerd.

Ik vroeg Allah me blijdschap te geven.
Allah zei: Nee.
Ik geef je zegeningen; blijdschap is aan jou.

Ik vroeg Allah om me pijn te besparen.
Allah zei: Nee.
Lijden onthecht je van wereldlijke zorgen en brengt je dichter bij Mij.

Ik vroeg Allah mijn ziel te laten groeien.
Allah zei: Nee.
Je moet zelf groeien. Ik zal je snoeien om je vruchtvol te laten zijn.

Ik vroeg Allah om alle dingen zodat ik van het leven zou kunnen genieten.
Allah zei: Nee.
Ik zal je leven geven, zodat je van alle dingen kunt genieten.

Ik vroeg Allah om me te helpen anderen LIEF TE HEBBEN, zoals Hij mij liefheeft.
Allah zei: ...Ahhhh, eindelijk snap je het.


DEZE DAG IS VAN JOU, VERGOOI HEM NIET.

Moge Allah je zegenen.

"In de herinnering van Allah vinden de harten rust"

00:10 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

19-04-08

Over het volgen van begeertes

‘Onwettige (verboden) begeertes worden meestal geassocieerd met onaangenaamheid. Ze laten een slepend gevoel van pijn en schuldgevoel achter. Dus, wanneer je bent verleidt, denk dan aan het bevrijden van jezelf. Denk aan alle wroeging (spijt) wat gepaard zou gaan met het realiseren van deze begeertes, en maak dan een beslissing. Je een weg banen via gehoorzaamheid is geen makkelijke taak. Het gaat echter gepaard met het goede en rustgevende genot. Wanneer je jezelf overbelast (met onwettige begeertes) denk dan aan, hoe fijn het zou zijn om berouw te hebben en bevrijdt jezelf. Denk aan het genot dat voortkomt uit wettige (toegestane) begeertes en probeer dan de correcte keuze te maken. Het dilemma wat je zult ervaren zou gereduceerd moeten worden door het gedenken van het zoete genot en de ultieme gelukzaligheid wat jouw gehoorzaamheid (aan Allah) zal voortbrengen. Probeer de strijd ook te reduceren door je de bestraffing voor te stellen, wat voortkomt uit ongehoorzaamheid aan Allah. Logischerwijs zou je verstand moeten kiezen voor datgene wat het meest loont en zou het je helpen om de pijn te verdragen van jouw onthouding (ontzegging) van de vervulling van zulke begeertes.’

Door: Ibn al-Qayyim al Jawziyyah
Bron: Al-Fawa’id
Vertaald door: http://sincerehearts.nl

20:15 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

18-04-08

Het gebed van de geliefden van Allah

RasoelAllah sallallahoe ‘aleihi wa sallem heeft gezegd:

“Twee zaken van jullie wereld zijn mij geliefd: vrouwen en parfum; en het gebed is het genot van mijn oog.”

En hij sallallahoe ‘aleihi wa sallem droeg Bilaal radiAllahoe ‘anhoe op de Adhaan om te roepen met de woorden:

“O Bilaal, laat ons rust en gemak vinden door het gebed.”

Het gebed van de geliefden

Tot de zaken die noodzakelijk zijn om te weten behoort dat het gebed dat het oog genot geeft en het hart gemak en rust, het gebed is dat zes zaken combineert:

Het eerste - Oprechtheid met betrekking tot het doel

En dit is dat de reden om het gebed te verrichten en de aanleiding ertoe, het streven van de dienaar naar Allah is, zijn liefde voor Hem, het zoeken naar Zijn Tevredenheid, het dichterbij Hem willen zijn, het vaak aanroepen van Hem en Zijn bevelen vervullen. En niets van de wereldse zaken kan ooit een reden zijn voor het gebed. Iemand komt tot het gebed om het Gezicht van zijn Heer de Allerhoogste te zoeken, uit liefde voor Hem en angst voor Zijn bestraffing en hopend op Zijn vergiffenis en beloning.

Het tweede - Waarachtigheid en oprechtheid van de daad

Dit is wanneer iemand zijn hart vrijmaakt voor Allah en zijn uiterste best doet om zich tot Allah te wenden in zijn gebed. Tijdens het bidden houdt hij zijn hart bij het gebed en verricht hij het op de beste wijze. Hij laat het zijn meest volmaakte gebed zijn, zowel uiterlijk als innerlijk. Want het gebed kent een uiterlijke en een innerlijke verschijning.

De uiterlijke verschijning omvat de zichtbare (fysieke) handelingen en bewegingen en de hoorbare geluiden. De innerlijke verschijning is de nederigheid en onderwerping van het hart (goeshoe’), het zichzelf nauwkeurig beschouwen, het weten dat Allah de dienaar bekijkt (moeraaqabah), het hart leeg maken voor Allah, het hart zich geheel naar Allah laten wenden tijdens het gebed en het zich niet laten afwenden naar iets anders. Al deze (innerlijke verschijningen) zijn als de ziel van het gebed en de uiterlijke handelingen zijn zoals het lichaam (van het gebed). En als het gebed geen ziel heeft, is het zoals een lichaam zonder ziel.

Schaamt de dienaar zich niet dat hij zich tot zijn Meester keert op zo’n manier (met een gebed zonder ziel)? Hierdoor wordt het gebed gekronkeld en gedraaid totdat het eruit ziet als een sjofel afgedragen kledingstuk. De verrichter van dit gebed wordt ermee in zijn gezicht geslagen en het zegt tegen hem: “Moge Allah jou verwaarlozen zoals je mij verwaarloosd hebt”.

Het gebed waarvan de uiterlijke en innerlijke verschijning volmaakt is, stijgt op (naar de hemelen) als een licht en een duidelijk bewijs, net als het licht van de zon, totdat het bij Allah wordt gebracht. En Hij is er blij mee en accepteert het, en het (gebed) zegt (tegen de dienaar): “Moge Allah jou beschermen zoals je mij beschermd hebt.”

Het derde - Het volgen en nadoen van de Boodschapper en zich in zijn handelingen laten leiden door hem

Dit betekent dat de dienaar zijn best doen om zich wat betreft het gebed te laten leiden door de Profeet sallallahoe ‘aleihi wa sallem. Hij bidt zoals de Profeet sallallahoe ‘aleihi wa sallem bad en keert zich af van wat de mensen aan nieuwigheden hebben bedacht, zowel de toevoegingen als de weglatingen en ook de bedachte overleveringen die nooit verteld zijn door de Profeet sallallahoe ‘aleihi wa sallem of de Metgezellen radiAllahoe ‘anhoem.

Schenk geen aandacht aan de uitspraken van degenen die allerlei zaken toestaan, die stoppen bij datgene wat ze als verplicht zien ook al zijn er anderen die dat bestrijden en die aantonen dat de zaken die zij verlaten hebben, verplicht zijn. Het kan zijn dat de hadieth vastgesteld is en de Soennah van de Profeet sallalahoe ‘aleihi wa sallem zich direct onder hun neus bevindt, maar ze houden zich er niet aan en zeggen:”Wij volgen blindelings de madhhab van die-en-die.”

Dit is niet zuiver en correct in de ogen van Allah de Verhevene. Het is geen excuus voor degene die willens en wetens ingaat tegen de Soennah, want Allah de Verhevene heeft gehoorzaamheid aan Zijn Boodschapper bevolen en het volgen en nadoen van hem alleen. Hij heeft ons niet bevolen om anderen naast hem te volgen. Naast de Boodschapper worden alleen anderen gehoorzaamd wanneer ze alleen datgene bevelen wat de Boodschapper bevolen heeft en behalve de Boodschapper kunnen van iedereen de woorden zowel geaccepteerd als verworpen worden.

En Allah soebhanahoe wa Ta’ala heeft gezworen bij Zijn Edele Zelf dat we niet echt geloven totdat we de Boodschapper sallallahoe ‘aleihi wa sallem laten oordelen in elke discussie tussen ons en totdat we ons neerleggen bij zijn oordeel en ons er volledig aan onderwerpen. (Soerah An-Nisaa’ 4:65)

Het brengt ons geen voordeel als we het oordeel aan een ander dan de Boodschapper sallallahoe ‘aleihi wa sallem overlaten en het zal ons niet redden van de bestraffing van Allah. Dit antwoord (”Wij volgens blindelings de madhhab van die-en-die”) wordt niet van ons geaccepteerd wanneer we Zijn Roep soebhanahoe wa Ta’ala horen, op de Dag der Opstanding:

“En op die Dag zal Hij hen roepen, terwijl Hij zegt: “Wat is het dat jullie de Boodschappers hebben geantwoord?” (Al-Qasas 28:65)

Het staat vast dat Hij ons dat zal vragen en een antwoord van ons zal verwachten. Hij, de Verhevene, zegt:

“Wij zullen zeker degenen aan wie (Profeten/Boeken) gezonden waren ondervragen, en Wij zullen zeker de gezondenen vragen.” (Al-’Araaf 7:6)

De Profeet sallallahoe ‘aleihi wa sallem heeft gezegd:

“Het is aan mij geopenbaard dat jullie door middel van mij beproefd zullen worden en dat jullie over mij ondervraagd zullen worden.” (Ahmed, hasan). Hij refereerde aan de ondervraging in het graf.

Als daarom de Soennah van de Boodschapper van Allah sallallahoe ‘aleihi wa sallem aan iemand bekend wordt en hij wijst het af voor de uitspraak van iemand anders van onder de mensen, dan zal het van hem verworpen worden op de Dag der Opstanding en hij zal de waarheid te weten komen.

Het vierde - Ihsaan

Dit is het in acht nemen van moeraaqabah, wat inhoudt dat je Allah aanbidt alsof je Hem ziet. Dit begint met en komt voort uit volmaakt geloof in Allah, Zijn Namen en Zijn Eigenschappen. Het is het weten dat Allah soebhanahoe wa Ta’ala boven de hemelen is, Zijn Tron bestijgt, spreekt met Zijn bevelen en verboden, alle zaken van de schepping beheert, dat het bevel van Hem wordt nedergezonden en naar Hem opstijgt en dat de daden van de zielen van de dienaren (op het moment dat ze sterven) aan Hem gepresenteerd worden.

En dus is Hij overal getuige van. Hij getuigt van Zijn Namen en Eigenschappen, dat Hij al-Qayyoem (de zichzelf genoeg zijnde en de Beschermer van alles), Al-Hayy (de Eeuwiglevende), As-Sami’ (de Alhorende), Al-Basier (de Alziende), Al-Aziez (de Almachtige), Al-Hakiem (de Meest Wijze) is. Hij beveelt en verbiedt, heeft lief en haat, niets van de daden van de dienaren blijft voor Hem verborgen, hun uitspraken of hun innerlijke situatie. Integendeel, Hij kent de misleiding van de ogen en wat de harten verbergen.

En dit niveau van Ihsaan is het fundament van alle daden van het hart, want hieruit komen verheerlijking en verering (van Allah) voort, en ontzag en liefde, berouw en afhankelijkheid, onderwerping aan Allah soebhanahoe wa Ta’ala, en nederingheid ten opzichte van Hem. Het snijdt de fluisteringen en mompelingen van de ziel af en verenigt het hart en de betrokkenheid (samen) voor Allah.

Hoe dicht de dienaar zich bij Allah bevindt hangt daarom samen met in hoe verre hij Ihsaan in acht neemt. En het is vanwege (de verschillende niveaus van) Ihsaan dat de gebeden (van elk persoon) verschillen. Er kan een verschil zijn tussen de gebeden van twee mannen; de verschillen in het staan, buigen en neerknielen kunnen zo groot zijn als het verschil tussen de hemelen en de aarde.

Het vijfde - Inzien dat de zegening van Allah afkomstig is

Dit is dat iemand bevestigt dat de gunst en de zegening aan Allah soebhanahoe wa Ta’ala behoort. Deze gunst en zegening is erin gelegen dat Hij deze persoon en zijn familie in deze houding (van de salaah) laat staan, en Hij heeft ze succes geschonken door hun harten en lichamen in aanbidding van Hem te laten staan. Was het niet vanwege Allah dan was dat niet gebeurd. Zoals de Metgezellen plachten te zeggen, in gezelschap van de Profeet sallallahoe ‘aleihi wa sallem:[/color]

“Bij Allah, was het niet vanwege Allah

Dan hadden we geen leiding gevonden

En hadden we geen sadaqah gegeven

Noch hadden we gebeden”

Allah Ta’ala heeft gezegd:

“Zij menen jou een dienst te bewijzen door moslim te worden. Zeg: “Bewijst mij geen dienst door jullie (toetreden tot) de Islaam. Juist Allah heeft jullie begenadigd, doordat Hij jullie naar het geloof heeft geleid, als jullie waarachtig zijn.” (Al-Hoedjoeraat 49:17)

Want Allah soebhanahoe wa Ta’ala is Degene Die de moslim moslim heeft gemaakt, en Die de biddende laat bidden. Zoals Al-Khaliel (Profeet Ibrahiem ‘aleihi salaam) zei:

“Onze Heer, maak ons beiden tot mensen die zich overgeven aan U en maak onze nakomelingen tot een volk dat zich overgeeft aan U en onderwijs ons de gebruiken (van de hadj, het vasten en de salaah etc) … “ (Al-Baqarah 2:12 8)

En hij (Ibrahiem) zei:

“Mijn Heer, maak mij en mijn nakomelingen onderhouders van de salaah…” (Ibrahiem 14:40)

Dus het schenken van de gunst en zegening dat Hij Zijn dienaar gehoorzaam laat zijn, behoort aan Allah alleen toe. Dit is een van de grootste zegeningen aan de mens, en de Verhevene heeft gezegd:

“En jullie hebben geen gunst of het komt van Allah…” (An-Nahl 16:53)

En Hij zei:

“… Maar Allah heeft jullie doen houden van het geloof en Hij heeft het mooi gemaakt in jullie harten en Hij heeft jullie een afkeer doen hebben van ongeloof, zware zonden en opstandigheid. Zij zijn degenen die het rechte Pad volgen. Als een gunst van ALlah en een genieting. En Allah is Alwetend, Alwijs.” (Al-Hoedjoeraat 49:7- 8)

Deze zaak (inzien dat het een zegening van Allah is) is een van de grootste die iemand in acht kan nemen en waar de dienaar het meeste voordeel van heeft. Telkens als de dienaar sterker in zijn tawhied wordt, wordt zijn toepassing van dit principe volmaakter en completer.

Dit inzicht heeft een aantal voordelen. Het vestigt zich in zijn hart en hij raakt verwonderd over de daad (van het gebed) en kijkt ernaar met bewondering. Als iemand ziet dat het Allah is die hem ermee gezegend heeft en hem succes schenkt met het uitvoeren ervan en hem ernaar geleid heeft, dan zorgt het ervoor dat hij niet zoveel naar zichzelf kijkt (bewondering voor zichzelf krijgt), niet onder de indruk raakt van zijn eigen handelen en geen indruk op anderen probeert te maken. Dus hij verwijdert (de zelfbewondering) uit zijn hart en raakt niet onder de indruk. En hij verwijdert het van zijn tong (praat niet over zijn eigen daden) en laat het niet aan anderen zien en vraagt er ook niets voor terug. Dit is het kenmerk van de daad die opstijgt naar Allah.

Een ander voordeel is dat hij lof toeschrijft aan Degene Die het toekomt. Hij prijst zichzelf niet, maar getuigt ervan dat alle lof voor Allah is, net zoals hij getuigt dat zegeningen en gunsten allemaal van Allah komen. Dat dit een geschenk van Allah is en dat alle goedheid in Zijn Hand is. Dit is van de voltooiing van tawhied.

Zonder deze kennis en zonder van deze kennis te getuigen zal zijn hart zich niet op tawhied bevinden. Als hij dit weet en als het stevig in hem verankerd raakt, wordt het een wonder voor hem. En als het een wonder voor zijn hart wordt, brengt het hem - als vruchten van de liefde voor Allah, het dichtbij Hem zijn, het verlangen Hem te ontmoeten en het genot Hem te gedenken en te gehoorzamen - datgene waar het grootste genot van deze wereld nooit mee vergeleken kan worden.

Er is geen goedheid in iemands leven als dit besef verhinderd wordt zijn hart te betreden en als de weg ernaartoe geblokkeerd wordt. Deze persoon is zoals Allah Ta’ala zegt:

“Laat hen eten en zich vermaken en worden afgeleid door de (valse) hoop, later zullen ze het weten.” (Al-Hidjr 15:3)

Het zesde - Je eigen tekortkomingen zien

Zelfs als de dienaar zijn uiterste best doet een verplichting na te komen en vele opofferingen brengt, dan nog is hij onachtzaam en is het recht dat Allah op hem heeft vele malen groter dan zijn inzet. Allah komt veel meer gehoorzaamheid en dienstbaarheid toe dan dat. Zijn Macht en Grootsheid, vrij is Hij van alle tekortkomingen, vereisen een dienstbaarheid die passend is voor deze twee Eigenschappen.

We zien de knechten en dienaren van koningen deze koningen gehoorzamen, eren, verheffen in status, respecteren en angst en ontzag betonen terwijl ze bescheiden en oprecht ten opzichte van hen zijn, op zo’n manier dat ze hun harten leeg maken van andere zaken en hun ledematen in dienst stellen van deze koningen. Maar de Koning der koningen, de Heer der hemelen en aarde heeft er recht op dat we Hem dienen op een manier die vele malen beter is dan dat.

Als een dienaar bij zichzelf ziet dat hij zijn Heer niet die dienstbaarheid toont waar Deze recht op heeft - het komt er zelfs niet in de buurt - dan ziet hij zijn onachtzaamheid en tekortkomingen en falen in het geven van Allah wat Hem toekomt. Hij weet dan dat zijn noodzaak aan Allah’s vergiffenis vanwege zijn tekortkomingen groter is dan wat hij aan beloning aan Hem vraagt voor zijn dienstbaarheid.

Als hij zijn dienstbaarheid aan Allah goed had vervuld, had hij zijn plicht vervuld, want dienstbaarheid of onderwerping (’oeboediyyah) aan Allah is een vereiste. Het dienen van de meester is een plicht voor de dienaar, daar hij zijn knecht en onderdaan is. Als een dienaar een vergoeding zou vragen voor zijn daden en zijn dienstbaarheid (aan zijn meester), zou deze laatste hem voor gek verklaren. En dit terwijl in dit geval hij helemaal niet echt de dienaar en knecht (van zijn meester) is. In werkelijkheid is hij de dienaar en onderworpene van Allah, in ieder opzicht. Zijn werken en dienen is een recht wat Hem toekomt, daar hij Zijn dienaar is. Als Allah hem daarvoor beloont, dan is dit een zegen, gunst en welwillendheid naar Zijn dienaar toe, die dit niet echt verdient.

Vanuit dit oogpunt zei de Boodschapper sallallahoe ‘aleihi wa sallem:

“Niemand van jullie zal het Paradijs betreden (alleen) vanwege zijn daden.”

Er werd gezegd: “Zelfs u niet, o Boodschapper van Allah?”

Hij antwoordde: “Zelfs ik niet, tenzij Allah mij met Zijn Genade bedekt.” (Boechaari en Moeslim)

En Anas ibn Malik radiAllahoe ‘anhoe zei:

“Op de Dag des Oordeels zullen er drie rollen (documenten) naar de dienaar worden gebracht. Een rol voor zijn goede daden, een rol voor zijn slechte daden en een rol die de gunsten en zegeningen bevat die hem door Allah geschonken zijn. De Heer soebhanahoe wa Ta’ala zal tegen Zijn gunsten en zegeningen zeggen: “Neem wat jullie toekomt van de goede daden van Mijn dienaar.” Hij zal tegen de allerkleinste gunst (die Hij zijn dienaar ooit schonk) zeggen: “Neem wat je toekomt van de goede daden van Mijn dienaar.” Dus de kleinste gunst zal opstaan (om zijn recht te nemen) maar de goede daden van de dienaar zullen op zijn. Deze kleinste gunst zal zeggen: “Bij Uw Macht, mij recht is niet vervuld.” En dan zal Allah als Hij dat wenst genade aan Zijn dienaar tonen. Hij zal hem zegeningen schenken, hem zijn zonden vergeven en zijn goede daden vermenigvuldigen.”

Dit is een duidelijk bewijs van de grote kennis die de Metgezellen bezaten over hun Heer en Zij rechten over hen, net zoals zij de meest geleerde van de oemmah zijn wanneer het gaat over de Profeet sallallahoe ‘aleihi wa sallem, zijn mededogen en zijn Religie. Deze overlevering bevat zoveel kennis en inzicht wat alleen bevat kan worden door degenen met inzicht en kennis van Allah’s Namen. Eigenschappen en Rechten.

Op deze wijze kunnen we ook de uitspraak van de Profeet sallallahoe ‘aleihi wa sallem begrijpen die is vermeld door Aboe Dawoed en Imaam Ahmad, vermeld in de hadieth van Zaid ibn Thaabit en Hoedaifah ibn al-Yamaan en anderen:

“Als Allah de bewoners van Zijn hemelen en de bewoners van Zijn aarde zou straffen, zou Hij hen zeker straffen en dit zal geen onrechtvaardigheid van Zijn kant bevatten. En als Hij hen genadig zou zijn, dan zou Zijn Genade beter voor hen zijn dan hun eigen daden.”

Conclusie

En (afsluitend), de belangrijkste en fundamentele onderwerpen met betrekking tot deze hele kwestie zijn vier:

1. een correcte intentie

2. een kracht die gepaard gaat met:

3. streven (raghbah)

4. ontzag (Rahbah)

Deze vier zaken vormen de principes met betrekking tot de salaah. Wanneer er een tekortkoming is in een dienaar, in zijn imaan, in zijn situatie, zijn innerlijke en uiterlijke verschijning, dan komt dat door een tekortkoming in deze vier zaken, of in enkele ervan.

Laat een wijs persoon daarom nadenken over deze vier zaken en laat hij ze gebruiken als een weg waarover hij reist. En laat hem al zijn kennis, daden, uitspraken en de situaties waarin hij verkeert op deze vier zaken baseren. Niemand kent vooruitgang dan door deze vier zaken en niemand gaat achteruit behalve door deze zaken te verliezen.

Allah is Degene bij Wie we hulp zoeken, waar we vertrouwen, verlangen en hoop in plaatsen. Hij is Degene Die we vragen om ons en onze broeders van Ahloel-soennah succes te schenken bij het toepassen van deze vier principes, in kennis en in daden. Waarlijk, Hij is daartoe in staat en Degene Die succes schenkt. Hij is genoeg voor ons en de beste Zaakbeschermer.

Dit werk is voltooid door de zegening van Allah en aan Hem komt alle lof toe, er is geen deelgenoot naast Hem. De Heerschappij behoort aan Hem, evenals alle lof, en Hij heeft macht over alle zaken. Moge Allah salawaat en veel salaam zenden aan onze leider, Mohammed sallallahoe ‘aleihi wa sallem, de ongeletterde Profeet en aan zijn familie en Metgezellen, tot aan de Dag des Oordeels.

Amien, amien.

Uit:”The Path to Guidance” - Ibn al-Qayyim al-Jawziyyah

14:25 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |