01-04-08

De perfecte gelovige

De gelovige is niet degene die de verordende religieuze plichten oppervlakkig uitvoert en alleen vermijdt wat is verboden, maar hij is degene wiens geloof absoluut is, met geen bezwaar dat in zijn hart opkomt en geen obsessie die in zijn ziel woont. Hoe meer moeilijkheden hij tegenkomt, hoe meer zijn geloof groeit en hoe sterker zijn onderwerping wordt. Hij zou kunnen bidden en geen spoor van een antwoord op zijn gebeden zien, maar toch verandert hij niet omdat hij weet dat hij bezit is van De Ene Die met hem op de manier omgaat die Hij kiest. Want als een bezwaar zich in zijn hart voordoet, dan verlaat hij de rol van slaaf en neemt de rol van een protesteerder op zich zoals die van Iblees (de duivel). Een sterk geloof onthult zich in sterke moeilijkheden Een gelovige ziet in Yahya, zoon van Zakariyya, een goed voorbeeld. Hij werd gedood door een tiran die hem het hoofd bood, maar toch kwam Hij (swt) Die hem een profeet maakte, niet tussenbeide noch verdedigde Hij hem. Zo werden ook alle tirannen die de profeten en de gelovigen meemaakten niet van hen teruggehouden. Als iemand gaat denken dat Goddelijkheid niet voor hen kan antwoorden dan is hij een ongelovige. Maar als iemand gelooft dat Goddelijkheid voor hen kan antwoorden maar kiest om het niet te doen, en dat Allah (swt) de gelovigen hongerig maakt terwijl de ongelovigen vol zijn en de gelovigen met ziekten teistert en de ongelovigen gezondheid geeft, dan is men alleen gelaten met onderwerping aan de Bezitter, zelfs wanneer ze gekweld of verwoest zijn. Jacob (as) huilde tachtig jaar wanneer Joseph (de zoon van Jacob) (as) weg was, hij gaf nooit op: alles wat hij zei wanneer zijn andere zoon ook weg was gegaan was: “Moge Allah hen allen naar mij terugbrengen.” Mozes (as) bad 40 jaar tegen Farao, die kinderen doodde en tovenaars kruisigde en hun handen afsneed, voordat hij werd geantwoord. In zulke onderwerping is de intensiteit van iemands geloof gemanifesteerd en niet in meer rak’at (buigingen in gebed). Zo veel van degenen die Qadar verheerlijken werden met moeilijkheden getroffen en dit verhoogde hen niet behalve in onderwerping en genoegen (met hun heer), en daar ligt een verklaring van de betekenis van Zijn woorden[nl]“Allah is tevreden met hen.” (5:119)[/nl][/koran] Al-Hasan Al-Basree zei: “Mensen zijn hetzelfde in gezondheid maar wanneer moeilijkheden hen overkomen laten zij onderscheid zien.” Imâm Ibn Qayyim al-Jawziyyah

19:20 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

31-03-08

Kennis is een genezing

Vele mensen leven hun leven in een toestand van ziekte. Zij dolen afwezig en achteloos rond, op zoek naar de genezing voor hun ziekte, maar zij vinden deze niet. En zij zoeken naar één van de manieren om het te verkrijgen zodat zij van start kunnen gaan, maar zij zijn niet in staat het te onderscheiden! Echter, de genezing bevindt zich voor hen. Het geneesmiddel is recht voor hun ogen - voorzeker, het is kennis. Imaam Adh-Dhahabie zei: “Een ieder wiens hart ziek wordt met twijfels en verkeerde begrippen/meningen; deze conditie zal niet tot een einde komen behalve als hij de mensen van kennis vraagt, zodat hij datgene van de waarheid leert wat zijn ziekte zal afweren. En dus zal het hem niet ernstig raken. De grootste van deze genezing is: de (voortdurende) behoefte voor Allah (al-iftiqaar) hebben en Hem om hulp vragen (al-istighaathah). Laat degene dus voortdurend de volgende doea lezen: “O Allah, Rabb van Djibriel, Mika’iel en Israfiel. Degene die de Torah en de Indjiel openbaarde. Leid mij in datgene dat in geschil is met de waarheid, met Uw permissie. Waarlijk, U leidt wie U wil naar het Rechte Pad.” En laat degene voortdurend dit berouw herhalen en om vergiffenis vragen. En laat hem Allah vragen om zekerheid en welzijn. Want zeker - insha Allah - zijn dagen zullen niet tot een einde komen, behalve dat hij van zijn ziekte bevrijd zal worden - insha Allah. En zijn tawhied (handelingen doen alleen omwille van Allah) zal zuiver voor Hem alleen worden gedaan. En hij zal gered worden van het binnengaan van de wetenschap van redekunst/welsprekendheid (ilm-oel-kalaam) [dit is een van de soorten filosofie]. Als het geleerd wordt om een ziekte te voorkomen zullen er vele meerdere ziektes uit voortspruiten, hetgeen hem zelfs zou kunnen doden! In feite, heeft niemand veel twijfels en misvattingen die hem overkomen, behalve degene die zich bezighoudt met de wetenschappen van redekunst (kalaam) en logica (hikmah)! [Het woord hikmah verwijst hier naar een bepaalde vorm van filosofie. Het betekent niet de hikmah die wordt geprezen in het Boek en de Soennah] Dus de genezing voor deze ziekten is om deze vernietigende zaken weg te doen en ze compleet te vermijden. En door veel recitatie van de Qoraan te verrichten, het gebed, de doea en het bewustzijn van je vrees voor Allah. Ik garandeer hem dus, dat zijn tawhied zuiver zal worden en dat zijn Rabb hem welzijn zal schenken. En als hij geen gebruik maakt van deze genezing. En de ziekte wordt in plaats daarvan behandeld door een andere ziekte. En hij verdrinkt zichzelf met de geneesmiddelen van meningen en intellectuele keuzes, dan wordt hij misschien bevrijd en misschien wordt hij vernietigd! En misschien blijft hij zelfs ziek tot zijn dood!” Aboe ad-Darda heeft overgeleverd dat:[hadith][nl]Voorzeker, de geleerden zijn de erfgenamen van de profeten. En voorzeker, de profeten laten geen dinars noch dirhams als erfenis achter. Eerder, zij laten alleen kennis achter als erfenis. Dus een ieder die het vasthoudt (de kennis), heeft dan een groot aandeel (van de erfenis) vast. (Aboe Dawoed) [/nl][/hadith]Imaam Ibn Hibbaan zei: “In deze hadieth is er een duidelijk bewijs dat de geleerden, die de waarde die we eerder hebben genoemd, dragen, degenen zijn die de kennis van de profeet (saws) onderwijzen, losstaand van de vele andere soorten kennis. Heb je de profeet (saws) niet horen zeggen: “De geleerden zijn de erfgenamen van de profeten?” De geleerden laten niets achter als erfenis, behalve kennis. En de kennis van onze profeet (saws) is zijn Soennah. Dus een ieder die zichzelf berooft van het verkrijgen van kennis, is niet van de erfgenamen van de profeten (al-Ihsaan fie Taqrieb Sahih ibn Hibbaan). Een van de prachtige zinnen die zijn verklaard is: “Kennis is de erfenis van de profeet, zoals is genoemd in de teksten, en de geleerden, zij zijn z’n erfgenamen. De verkorene (saws) liet niets anders behalve zijn ahadieth achter. Onder ons, dus dat is zijn eigendom en zijn zijn deugden.” Sheich Ali ibn Hasan, www.eltawheed.nl

22:56 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

30-03-08

Hamzah bin Abdoel-Moettaalib (ra)

Hamzah bin Abdoel-Moettaalib (ra) was de oom van de profeet Mohammed (saws), hij was de zoon van zijn tante van moeders kant en was ook zijn zoogbroeder. In de islaam is geen enkele persoon superieur aan een andere door ras, familie, volk of land. Het criterium voor superioriteit is angst voor Allah (swt), vroomheid, onderwerping en toewijding terwille van de islaam. En doordat hij (ra) deze eigenschappen bezat verkreeg hij een hoge positie. Allah(swt) heeft Hamzah (ra) begunstigd met uitmuntendheid in worstelen en zwaardvechten. Hamzah (ra) gebruikte deze talenten en zijn ervaring zo goed hij kon voor al-islaam. Hij kreeg van de profeet (saws) de naam ‘leider van de al-shoehada’ (martelaren, degenen die sterven in djihaad). De Oproep van Tawhied (geloof in de eenheid van Allah) kwam als een voortstuwende kracht als eerste in zijn familie. Allah (swt) keerde Hamzah (ra) op een bijzondere manier tot de islaam. In een duistere atmosfeer geteisterd door donkere wolken van ongerechtigheid en tirannie, scheen aan de horizon een veel belovend licht voor de onderdrukten; namelijk de bekering van Hamzah bin Abdoel-Moettaalib (ra). Hij werd moeslim in de maand dhoel-hidjah in het zesde jaar van profeetschap. Er is overgeleverd dat de profeet Mohammed (saws) op een dag tegen een heuvelzijde van de heuvel Safa aanzat, toen Aboe Djahl voorbij kwam en kwaad sprak over de religie (al-islaam), die de profeet verkondigde. De profeet Mohammed (saws) bleef kalm en zei geen woord. Aboe Djahl ging ongecontroleerd voort, pakte een steen en sloeg de profeet daarmee op het hoofd. Vervolgens ging de agressor naar de plaats waar de mannen van Qoeraish altijd samen kwamen. Kort daarop kwam Hamzah, die terugkeerde van de jacht, langs dezelfde weg met zijn boog over de schouder. Een slavenmeisje van Abdoellah bin Djada’an, die de onbeschaamdheid van Aboe Djahl had gezien, vertelde hem wat er gebeurd was met de boodschapper van Allah (saws). Toen Hamzah (ra) dit hoorde was hij diep gekwetst en haastte zich naar de Ka’bah. Daar, op de binnenplaats van de Ka’bah vond hij Aboe Djahl in gezelschap van de Qoeraish. Hamzah (ra) stormde op Aboe Djahl af, sloeg hem met zijn boog op het hoofd en zei:”Ah! Jij beledigde Mohammed (saws) ; ik volg ook zijn religie en betuig hetgeen hij verkondigt.” De mannen van Bani (stam) Machzoem schoten Aboe Djahl te hulp, en mannen van Bani Hashim wilden hem ook te hulp komen. Aboe Djahl stuurde hen weg en zei:”Laat Aboe Oemmarah alleen, bij Allah ik heb zijn neef schaamteloos beschimpt.” (uit: Ibn Hisham 1/291; Muchtasar Sierat Ar-Rasoel blz. 66). Feitelijk kwam de toetreding tot de islaam van Hamzah aanvankelijk door de trots van een man die niet accepteerde dat anderen zijn familie vernederden. Allah (swt) reinigde zijn karakter en hij hield het betrouwbaarste handvat (Geloof in Allah) stevig vast. Hij (ra) bewees een grote bron van kracht voor de islaam en zijn volgelingen te zijn. Dit vond plaats in de periode dat de profeet (saws) zijn toevlucht nam tot het huis van Arqam bin Abi Arqam om de arme en zwakke moeslims tegen de kwellingen en martelingen van de niet-gelovigen van Mekka te beschermen. De mensen durfden niet over de islaam te praten. Maar onbevreesd als hij was verklaarde Hamzah (ra) openlijk de waarheden van de islaam. Hieruit blijkt dat niemand de moed had Hamzah uit te dagen. Doordat Hamzah (ra) de islaam had geaccepteerd veranderde de hele situatie plotseling. De niet-moeslims dachten wel twee keer na voordat zij enig kwaad aan de moeslims toebrachten. De aanvaarding van de islaam door Hamzah (ra) maakten de vijanden van de islaam van streek. De arabieren waren zeer trots op hun superieure ras en bloed. Deze ijdelheid bleek een grote hindernis voor vele gevoelige personen om de islaam te accepteren. Op het slagveld van Badr bijvoorbeeld wees Aboel Bachtari naar de profeet (saws) en zei tegen Aboe Djahl:”Zeg me de waarheid en zeg me wat je van hem vindt?” Aboe Djahl zei:”Zonder twijfel is hij een betrouwbaar persoon. Maar we kunnen het ons niet permitteren samen te zitten met personen als Bilal.” Bilal (ra) was een slaaf en hij was moeslim geworden. In die tijd werden slaven als zeer minderwaardig beschouwd en er werd op hen neer gekeken. Zij kregen geen enkel respect. Maar de leringen van de islaam hadden de rechtschapen metgezellen veranderd en zij maakten geen enkele discriminatie tussen mensen op grond van ras, kleur, rijkdom of afkomst. Hamzah (ra) was hier ook een goed voorbeeld van. De profeet (saws) verklaarde zijn bekende slaaf, Zaid bin Harith, als de broeder in islaam van zijn (saws) oom Hamzah en zij werden elkaar zo dierbaar dat als een van de twee naar buiten ging hij de ander als zijn erfgenaam aanwees en hem opdroeg te bemiddelen, door middel van zijn wassiya (testament), in iedere aangelegenheid. Hamzah (ra) gaf boven alles de voorkeur aan de islaam. Hij gaf het jagen op en wijdde al zijn tijd en energie aan de islaam. In het dertiende jaar van profeetschap migreerde hij samen met de andere metgezellen van de profeet naar Medina. Hier kreeg hij (ra) ruim de gelegenheid zijn kracht en moed te gebruiken in dienst van de islaam. Ten eerste gaf de profeet (saws) aan dertig personen, onder leiding van Hamzah, de opdracht de karavaan van de ongelovigen van Mekka tot staan te brengen. Voor de eerste keer in de geschiedenis van de islaam werd het vaandel van de islaam aan iemand toevertrouwd. Toen dit kleine detachement voortging kwam het een karavaan van de Qoeraish tegen onder leiderschap van Aboe Djahl. De karavaan bestond uit 300 mannen te paard. Hamzah (ra) besloot deze 300 mannen te confronteren met zijn handjevol metgezellen. Madjdi bin Amr, iemand uit Mekka, kwam tussen beiden en voorkwam een treffen en beide partijen trokken zich terug. Maar dit voorbeeld laat duidelijk de moed van Hamzah (ra) zien. De profeet(saws) stuurde hem op verscheidene militaire expedities met zeer weinig mensen onder zijn bevel. Maar hij was altijd succesvol in zijn opdrachten. Wat later vond de slag bij Badr plaats. Ook in deze slag bewees Hamzah zijn kracht en moed. Oetbah, de meest ervaren en dapperste man van de Qoeraish uit Mekka, kwam aan het begin van de strijd naar voren samen met zijn broer en zoon. Van de kant van de moeslims kwamen enkele jonge mannen van de Ansaar (Helpers uit Medina) naar voren om hen te treffen. De drie tweegevechten eindigden snel. Hamzah doodde Shaibah en Ali doodde al-Walied. Oebaidah werd ernstig verwond, maar voordat hij neerviel kwam Hamzah naar Oetbah, de tegenstander van Oebaidah en met een krachtige slag van zijn zwaard onthoofdde hij hem. Oebaidahs been was afgehakt en Ali en Hamzah droegen hem terug. (Oebaidah stierf zo’n vier dagen later aan een aandoening aan zijn gal.) Deze gevechten werden gevolgd door nog enkele anderen, maar allen eindigden in het voordeel van de moeslims. De Qoeraish leden enorme verliezen. Woedend over deze geleden verliezen openden zij een grote aanval op de moeslims. Maar de moeslims waren ongelofelijk sterk en uiteindelijk vluchtten de Qoeraish. In deze strijd hadden de Qoeraish vele vooraanstaande personen van Mekka verloren. Deze nederlaag bij Badr was een smaad die de Qoeraish-ongelovigen wilden wreken. Wraak was dus het trefwoord in Mekka. De Mekkanen verboden zelfs om te rouwen over de gevallen slachtoffers en om de gevangenen vrij te kopen, omdat ze niet wilden dat de moeslims zich zouden realiseren hoe groot de droefenis was en hoe diep ze waren geraakt. Het jaar erop brachten de ongelovigen weer een groot leger op de been om Medina aan te vallen en de moeslims te verslaan. De boodschapper van Allah (saws) samen met zijn metgezellen ontmoetten de vijand bij Oehoed. Een worstelaar, genaamd Siba, stapte naar voren en daagde de moeslims uit. Hamzah nam deze uitdaging aan en zei:”Durf je te vechten tegen Allah en Zijn boodschapper” en vervolgens doodde Hamzah hem. Al snel begon een heftige strijd. Hamzah die vele vooraanstaande personen in de slag bij Badr had gedood werd van alle kanten aangevallen. Maar ook nu weer versloeg hij vele ongelovigen. Maar in deze slag werd Hamzah (ra) vermoord. Zijn moordenaar, Wahsi bin Harb, beschreef hoe hij Hamzah (ra) doodde. “Ik was een slaaf die voor Djoebair bin Moet’im werkte, wiens oom van vaders zijde, Toe’aimah bin Adi, gedood was in de slag bij Badr. Toen de Qoeraish naar Oehoed gingen zei Djoebair tegen mij:’Als je Hamzah, de oom van Mohammed, vermoordt zul je worden vrijgelaten.’ Dus ging ik samen met de mensen naar Oehoed. (Wahsi beschreef zichzelf als een zeer goede speerwerper). Toen de twee partijen vochten zocht ik Hamzah. Ik zag hem temidden van het strijdgewoel. Hij leek op een wit met zwart gestreepte kameel, strijdend met zijn zwaard en niemand kon hem verslaan. Bij Allah! Ik maakte mij klaar en probeerde de juiste gelegenheid te benutten om hem met mijn speer te doorboren. Soms verstopte ik mij achter een boom of rots en hoopte dat hij dichter bij mij zou komen zodat hij binnen mijn bereik zou komen. Op dat moment zag ik Siba bin Abd al-Oezza die zei:’Is er iemand (een moeslim) die mijn uitdaging tot een duel aanneemt?’ En ik hoorde Hamzah tegen hem zeggen:’O Siba! O Ibn oem Anmar, die andere vrouwen besnijdt. Durf je Allah en Zijn boodschapper uit te dagen?’ Vervolgens viel hij hem aan en doodde hem. Wahsi zei verder:"Vervolgens balanceerde ik mijn speer en bewoog hem heen en weer tot ik tevreden was en toen gooide ik de speer. De speer drong zijn lichaam binnen ter hoogte van zijn navel en kwam er tussen zijn benen weer uit. Hij (Hamzah(ra)) probeerde naar mij toe te komen maar hij werd overmand door de verwonding. Ik liet hem daar achter met de speer in zijn ingewanden tot hij stierf. Daarna liep ik naar hem toe, haalde de speer uit zijn lichaam en keerde terug naar de legerplaats. Ik bleef daar en ging niet terug naar het slagveld want hij was de enige reden geweest die ik zocht. Ik vermoordde hem enkel om mijzelf vrij te krijgen. Zodra ik terugkwam in Mekka werd ik een vrij man." (Ibn Hishim, al-Boechaari) De ongelovigen waren zeer blij met de dood van Hamzah (ra) De vader van Hind (de vrouw van Aboe Soefyan) was gedood in de slag bij Badr. Zij was ook zeer belust op wraak en zij wilde de lever van Hamzah uit zijn lichaam om hem op te eten. De lever werd haar gebracht en zij probeerde hem te verslinden maar ze kon hem niet doorslikken en spuwde hem uit. Vervolgens sneed ze de neus en oren van zijn lichaam af. Toen de profeet (saws) dit hoorde zei hij:”Heeft zij een deel van zijn lichaam gegeten?” “Nee” was het antwoord waarop de profeet (saws) zei:”Allah zal geen enkel deel van Hamzahs lichaam naar de Hel laten gaan.” De profeet ging naar het dode lichaam van zijn oom. Hind had het lichaam verminkt en toen de profeet zijn oom zo zag was zijn hart zeer bewogen. Safia de zuster van Hamzah wilde haar broer nog zien maar de profeet verbood het haar omdat de aanblik van zijn lichaam verschrikkelijk was. Samen met alle andere moedjahidien (martelaren) werd Hamzah (ra) daar begraven. De buitengewone liefde die de profeet had voor zijn oom Hamzah (ra) kunnen we betuigen uit het volgende voorval: Wahsi, de moordenaar van Hamzah, werd na enige tijd ook moeslim en ging naar de profeet Mohammed (saws). In een hadieth vertelt Wahsi: Toen hij (saws) mij zag zei hij:”Ben jij Wahsi?” Ik zei:”Ja.” Hij (saws) zei:”Was jij het die Hamzah vermoordde?” Ik antwoordde:”Wat er gebeurd is, is wat je hebt gehoord.” Hij (saws) zei:”Kun je je gezicht voor mij verbergen (de profeet (saws) wilde de man die zijn oom had vermoord niet zien).” (gedeelte hadieth al-Boechaari) Wahsi verliet de plaats en liet zich gedurende het leven van de profeet geen enkele keer aan hem (saws) zien. Hamzah bin Abdoel-Moettaalib, een van de grote moedjahidien van de islaam. Hij (ra) wijdde al zijn door Allah geschonken kwaliteiten aan de zaak van de islaam, vanaf de dag dat hij moeslim werd. Uit:’Sahih Al-Boechaarie’ ‘Islamic Future’ (vol. 12) ‘The sealed nectar’ door S. al-Mubarakpuri. A. El Shershaby

20:07 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Glimmlach – een pauze om na te denken

Als u gisteren verdrietig was, is uw situatie daardoor niet beter geworden. Uw zoon is op school gezakt en u werd depressief, maar heeft uw depressie het feit dat uw zoon gezakt is veranderd? Uw vader is overleden , en u bent teneergeslagen, maar brengt dat hem weer tot leven? U hebt uw zaak verloren en u werd verdrietig. Heeft dit die situatie veranderd door verliezen in winsten te veranderen? Wees niet bedroefd : u werd radeloos door een ramp en hierdoor heeft u een tweede ramp geschapen. U werd depressief door armoede en dit heeft slechts de bitterheid van uw toestand vergroot. U werd somber door wat uw vijanden tegen u gezegd hebben, en door in deze mentale toestand te geraken, heeft u hen ongewild geholpen in de aanval tegen u. U werd nors omdat u een bepaalde tegenvaller verwachtte, maar dat is nooit gebeurd. Wees niet bedroefd: waarlijk, een groot kasteel zal u niet tegen de gevolgen van een depressie beschermen, noch zullen een prachtige vrouw, overvloedige rijkdom, een hoge positie of briljante kinderen dat doen. Wees niet bedroefd: droefheid zorgt ervoor dat u denkt dat u gif ziet wanneer u naar zuiver water kijkt, dat u een cactus ziet wanneer u naar een roos kijkt, dat u een lege woestenij ziet wanneer u naar een prachtige tuin kijkt, en dat u het gevoel heeft dat u in een onverdraaglijke gevangenis zit terwijl u op een grote en uitgestrekte aarde leeft. Wees niet bedroeft : u hebt twee ogen, twee oren, lippen, twee handen, twee benen, een tong, een hart, vrede, veiligheid en een gezond lichaam. Welke gunsten van jullie Heer zullen jullie beide ( mensen en djinns) dan ontkennen?                                                                  (Qs Ar-Rahmaan 55:13) Wees niet bedroefd. U kunt volgens de Ware Religie leven, u heeft een huis om in te wonen, brood om te eten, water om te drinken, kleren om te dragen, een echtgenoot om rust bij te vinden, waaroom dan de melancholie?  uit :wnb

01:08 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

29-03-08

Imam: 'Missie Wilders totaal mislukt'

DEN HAAG - In de verre omtrek van de As-Soennah-moskee aan de Fruitweg is tegen het vrijdagmiddaggebed geen parkeerplaats meer te vinden. Zo’n duizend gelovigen - de mannen met baarden en vrouwen veelal in zwarte verhullende chador - spoeden zich naar de preek van imam Fawaz Jneid.
Het enige dat afwijkt van een ’gewone’ vrijdag is de batterij camera’s voor de deur, van NOS tot al-Jazeera. Het is de dag na Fitna.

Het vrouwenverblijf zonder uitzicht op de imam of de mannen is helemaal gevuld met vrouwen en een paar kleine kinderen. We worden, als buitenstaanders en zonder hoofdbedekking, met vriendelijke hoofdknikken ontvangen. „Ga op een stoel zitten in plaats van de op de grond. Doet pijn,’’ wijst een van de vrouwen gastvrij. De preek van sheik Fawaz dondert door de ruimte. Arabisch, met af en toe een verstaanbaar woord: ’Wilders’, ’film’, ’Hans Jansen’. Na afloop willen jonge vrouwen graag uitleggen wat Fawaz heeft gezegd. „Hij zegt dat de film van Wilders is gebaseerd op leugens. Hij vertelt dat de missie van Wilders is mislukt, omdat het niet is gelukt ons te beledigen. Want wij weten hoe het zit in de islam. De imam roept ook op om rustig te blijven. Wilders is er op uit ons te provoceren, daar moeten we niet aan toegeven.’’

Na afloop van de gebedsbijeenkomst blijkt de imam van Syrische afkomst zelf ook bereid de pers te woord te staan. Het charme-offensief van de entourage van de imam, die in Nederland tot de meest extremen wordt gerekend, draait op volle toeren. Fawaz zegt - zijn Arabisch wordt vertaald - dat hij blij is dat Wilders in alle opzichten heeft gefaald in zijn opzet en geen medium heeft kunnen vinden om zijn film uit te zenden. „Daar ben ik de media dankbaar voor.’’ Beledigend voor moslims is de film niet, vindt Fawaz. „Zelfs daarin is Wilders niet geslaagd. Ik heb de leugens die in de film over de islam worden verteld in de preek ook weerlegd. Dat heb ik ook al eerder gedaan tegen arabist Hans Jansen, de leermeester van Wilders.’’ Een verschil met de film van Submission van Ayaan Hirsi Ali is volgens Fawaz dat ’Submission meer kwetsend was, maar het verschil is vooral dat Hirsi Ali wel media vond om de film uit te zenden. „Wilders, God zij geprezen, niet.’’ Dat hij zelf voorkomt in Fitna met een uitspraak over geweld tegen homo’s vindt Fawaz eervol. „Homoseksualiteit en ontucht zijn niet alleen verboden in de islam. Ook in het christendom en jodendom is het verboden. Wij predikers zijn slechts vermanend en zijn er niet om iets te ondernemen tegen mensen.’’

De imam heeft via de Arabische televisiezender al-Jazeera ook net de miljoenen moslims buiten Nederland rustig op de film te reageren. „Ik hoop dat zij naar mij luisteren dat Wilders heeft gefaald.’’ Woedende nabranders in de moslimwereld zoals over de Deense cartoons verwacht Fawaz niet. „Het ging toen om de houding van de Deense regering. De Nederlandse regering heeft goed gereageerd. We hopen dat de media zich ook zo blijven opstellen.’’ Fawaz permitteert zich een grapje. „De cartoon lijkt meer op Wilders dan op Mohammed. Je hoeft alleen de baard weg te halen.’’
AD.nl
28 maart 2008

01:06 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

26-03-08

Fouten zoeken bij anderen

Abdoellah radiAllahoe 'anhoe overleverde dat RasoelAllah sallallahoe 'aleihi wa sallem zei: "Een gelovige is niet iemand die naar fouten zoekt bij anderen en hij is niet beledigend, grof of ruw." (Boechari Adaab al-Moefraad nr 312, Ahmad, Ibn Hibbaan en Hakim)

Ibn ' Abbas radiAllahoe 'anhoe zei: "Als je de fouten van je vriend wenst te noemen, noem dan eerst je eigen fouten." (Boechari Adaab al-Moefraad nr 328)

Ibn ' Abbas radiAllahoe 'anhoe zei over het volgende Qor'anvers "... En bespioneert elkaar niet..." (49:12): "Verdoe je tijd niet met het zoeken naar fouten bij anderen." (Boechari Adaab al-Moefraad nr 329)

Moe'aad ibn Djabal radiAllahoe 'anhoe zei: "Als je van iemand houdt, ruzie dan niet met hem en erger hem niet. Vraag niet over hem bij anderen, want degene die je vraagt zou zijn vijand kunnen zijn en zou leugens over hem kunnen vertellen, en daardoor een breuk tussen jullie veroorzaken." (Boechari Adaab al-Moefraad nr 545)

'Amr ibn al-'As radiAllahoe 'anhoe zei: "... Ik verbaas me over degene die een splinter in het oog van een ander ziet maar niet in staat is om de boomstam in zijn of haar eigen oog te ontdekken..." (Boechari Adaab al-Moefraad nr 886)

 

00:19 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

25-03-08

De tien geboden in de qoraan!

De tien geboden

De mensen van het Boek zeiden: "Toen Moesa de berg van Sinai opklom en Allah direct tot hem sprak, gaf Hij hem de volgende tien geboden: alleen Allah aanbidden, geen meineed af leggen met gebruik van de naam van Allah, de sabath waarnemen, je ouders eren, zodat je een hoge leeftijd mag bereiken, niemand doden, geen overspel plegen, niet stelen, geen valse getuigenis afleggen in het nadeel van je kameraad, niet in het huis van je kameraad turen en niet de vrouw van je kameraad, zijn slavin, os, ezel of iets anders dat hem toebehoort, begeren (d.w.z. benijd hem niet).

Ibn Kathir zei, dat velen van de vroege moslimgeleerden en anderen zeiden, dat de inhoud van deze tien geboden in de volgende twee verzen van de Qoraan voorkomen: Zeg: "Kom, ik zal reciteren wat jullie Heer voor jullie verboden heeft: om iets met Hem tezamen te aanbidden. Weest goed en plichtsgetrouw voor jullie ouders, doodt jullie kinderen niet uit armoede- Wij voorzien jullie en hen van levensonderhoud; komt niet in de buurt van schandelijke zonde of dit nu openlijk gepleegd wordt of in het verborgene; en doodt niemand waarvan Allah het verboden heeft, behalve voor een rechtvaardige zaak. Dit heeft Hij jullie bevolen, zodat jullie mogen begrijpen. En komt niet de eigendommen van de wees te na, behalve om die te verbeteren, tot hij de volwassen leeftijd heeft bereikt en geef de volle maat en het volle gewicht met rechtvaardigheid. Wij belasten niemand met meer dan hij kan dragen. En als jullie je woord geven, zegt dan de waarheid, zelfs als er naaste verwanten bij betrokken zijn en vervult het verbond van Allah. Dit beveelt Hij jullie, dat jullie je dat zullen herinneren."

(Qoeraan 6:151-152)

De mensen van het Boek vermeldden na deze tien geboden andere geboden waaraan zij zich soms hielden. Daarna werden degenen die ze in acht moesten nemen en volgen moesten, ongehoorzaam. Vervolgens veranderden en interpreteerden ze de geboden, zodat ze bij hun wensen pasten. Daardoor misten ze de echte geboden en bleven alleen veranderde en afwijkende versies over, hoewel eerst de ware en complete geboden tot hen gekomen waren. Dit was de wil van Allah.

 

00:12 Gepost door Assalamu aleykum warahmatullahi wabarakatuh in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |